Mensen hebben de vervelende gewoonte om geluk buiten zichzelf te zoeken. En om eerlijk te zijn, schaar ik mezelf onder deze niche. Het blijkt namelijk verdomde lastig om écht gelukkig te zijn. Dus: we spenderen, filosoferen en relativeren ons een ongeluk. En zo gebeurde het dat ik aanschoof bij een lezing over geluk. Met torenhoge verwachtingen. 

Het thema: hoogbegaafdheid en geluk. Een combinatie waar ik al jaren mee worstel. Niets is namelijk ooit goed genoeg. Door mijn generalisme ben ik jack of all trades maar master of none. Successen zijn ‘beginnersgeluk’. En kwaliteiten worden keer op keer aan de kaak gesteld. Om nog maar te zwijgen over de zorgen. Over het klimaat, politieke integriteit en onze onverschillige samenleving. Hoe kun je gelukkig zijn in zo’n wereld? Het lijkt een formule voor slapeloze nachten. 

Perfectionisme en over-analyseren

Dat is geen goede combinatie. Al helemaal niet als je gelukkig probeert te zijn. Van over-analyseren is namelijk nog nooit iemand beter geworden. Eerder moe. En overprikkeld. Wat vervolgens weer afbreuk doet aan je geluk. Een vicieuze cirkel, dus. Toen ik dan ook de lezing op het spoor kwam, ging er een vlaag van opluchting door me heen. Er was immers iemand die mij kon vertellen hoe ik gelukkig moest zijn. 

Het enige dat ik hoefde te doen was zitten en luisteren. Aanschouwen hoe het raadsel van geluk zich voor mijn ogen zou ontvouwen. Torenhoge verwachtingen, inderdaad. Achteraf vind ik het bijna hilarisch, die naïviteit. De lezing was namelijk best interessant, maar niet waar ik op hoopte. 

Geluk blijkt zo ongrijpbaar als maar zijn kan

En dat is dan ook waarom ik de lezing als anti-climax ervoer. Er zijn genoeg wetenschappers die zich over geluk hebben gebogen. Maar niemand durft een harde conclusie te trekken. Geluk is voor iedereen anders. Onmeetbaar, eigenlijk. Vraag mensen hun geluk te scoren op een schaal van 1 tot 10, en het lijkt een peulenschil. Maar: vraag ze wat geluk voor hen betekent, en ervaar het tegendeel. En niet te vergeten: demografische factoren. Samen vormt dit het DNA voor geluk. En dat blijkt uniek per persoon.

Ik kwam er die avond in ieder geval op pijnlijke wijze achter dat ik mijn geluk altijd op andere personen of situaties projecteer. Natuurlijk was ik – volgens mijn eigen standaard – niet gelukkig. Mijn geluk maakte ik namelijk op meesterlijke wijze onbereikbaar. Alleen als ik voldeed aan een gegeven set factoren ‘mocht’ ik gelukkig zijn. En als je daar te lang over nadenkt, is het einde behoorlijk zoek. 

Kun je besluiten om gelukkig te zijn?

Verwacht niet dat deze blog het antwoord heeft. Het is namelijk een vraag die ik mezelf regelmatig stel. Is geluk een keuze? En: moet ik daarvoor mijn ogen sluiten voor alles wat er om me heen gebeurt? Of is dat een kwestie van positief blijven? Ik vind het maar lastig. 

Je zo min mogelijk afvragen of je gelukkig bent. Dat lijkt voor perfectionisten de beste oplossing. En dat is stiekem misschien ook wel waar het ware geluk in schuilt. 

Olga

Leave A Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *